Tag archieven: Ripperton

Top 10 van 2010 – Katrien


2010 zal bij mij eeuwig bekend staan als het jaar waarin ik nog nauwelijks naar gitaarmuziek luisterde. Een boude uitspraak voor iemand die ooit zelf nog met een gitaar trachtte de wereld te veroveren en tien jaar geleden nog verkondigde nooit naar dance te luisteren. Mijn top 10 van 2010 ontkracht mijn oogkleppenvisie van jaren terug. Terwijl mijn liefde voor beats helemaal openbloeide tijdens het dubstepjaar 2009, keerde ik het genre de rug toe en zocht het geluk verder in de kruisbestuivende wereld der stevige bassen.
Ik beleefde een live-hoogtepunt bij het concert van Plastikman op Pukkelpop. Ik leefde op bij de liquid drum’n bass van landgenoot Netsky. Ik ondekte de wondermooie pracht van Experimedia, een Amerikaans eigenzinnig label dat met releases van Aaron Martin en Piiptsjilling mijn wereld veroverde.
Toch zijn het onderstaande artiesten die mij dit jaar hebben versmacht met hun platen.

Pantha Du Prince – Black Noise

Pantha Du Prince combineert fragiele melodieën met grimmige baslijnen. ‘Black noise’ is de stille weidse ruimte in melodie. Het is glinsterend koud en onderhuids brandend heet.

Scuba – Triangulation

‘Triangulation’ is niet zomaar een verzameling toekomstige klassiekers, het is een auditief oorgasme van teutonisch elektro-akoestisch fingerspitzengefühl en garagebeats. De plaat zweeft en neemt je mee, deinend op het ritme van de bas.
De plaat werd dit najaar heruitgebracht met enkele extra remixen van de singles.

Scuba – Triangulation (Interpretations) by Hotflush

Margaret Dygas – How Do You Do

Ideeën geplukt uit het boek ‘People Watching’ van Desmond Morris. Gedragswetenschap op muziek. ‘How do you do’ slorpt je op, verbrijzelt je slaafs gedrag en stuurt je nieuwe richtingen uit. Reizen voor gevorderden, de uitgedaagde, de trouwe gelovigen in de eigenzinnige koers die Powershovel Audio zijn artiesten steeds laat uitvaren.
Margaret Dygas leverde ook enkele bijdragen op ‘Fünf’, het verjaardagscadeautjes van Ostgut Ton. Een immense verzamelaar, in de startblokken gezet door Emika. Nog zo’n wonderkind.

Four Tet – There’s Love in You

Zelden zo murw geslagen door Four Tet. Ook live overrompelend. Zijn backcatalogue laat ik uit angst onaangeroerd.

Shed – The Traveller
Shed – The Traveller by TimeOutNewYork
Op ‘The traveller’ verkent Shed de subgenres die techno gegijzeld houden. Hij zoekt naar diepgraaiende bassen, ritmes en sfeerscheppers zonder de dansvloer te verloochenen met toch zijn blik op een album gericht. Het resultaat is geen verzamelaar van nieuwe dance-anthems ook al grijpt hij soms terug naar het rave-verleden en smijt hij beats de kamer rond. Hij ontdekt en dissecteert alles van Detroit-techno tot drum’n bass en brengt zo hulde aan een genre dat bij de meeste mensen te boek staat als zielloze beukmuziek.

Actress – Splazsh

Op ‘Hazyville’ waagde hij zich al op de breukgrens tussen Detroit techno en dubstep. Op ‘Splazsh’ doet hij de oefening nog eens over. Maar beter, héél veel beter.

Mount Kimbie – Crooks And Lovers

Behoeft geen extra woorden.

Shackleton – Fabric 55

Omdat hij dit jaar geen ander album heeft uitgebracht en zijn ‘Three EP’s’ nog steeds de draaitafel beroert. Omdat het heerlijk verdwalen is in zijn donkere wereld.

Applescal – A Mishmash of Changing Moods

Zonder enig analoog geluid en zware beats beukt hij op je in. Een digitaal universum wordt een hemelse mix van elektronica, sferische minimal en buitenaardse emoties. Muzikaal tipt hij aan bij Nathan Fake en Boards of Canada. Zijn muziek verwoordt beter dan eender welk woordenboek ’traum’, zijn platenlabel.

Ripperton – Niwa
Ripperton – Niwa (Green) – Promotional cuts by ripperton
Het is een verzameling van details die meestal onder de ruwe housebeats verloren gaan.