Het moet in 1997 geweest zijn, bij de Kral fotoshop in winkelcentrum Sterrenburg, tussen de afgeprijsde dance-cds: een zilveren doosje met negen gekleurde vierkantjes en een sticker waar Maurizio op stond. Hoe het er terecht kwam is mij nog steeds een raadsel. Ik kocht het omdat ik wist dat Jacob Haagsma, één van mijn muzikale richtingaangevers in die tijd, er steevast lovend over schreef op de laatste pagina van Muziekblad Oor. Thuisgekomen moest ik lachen toen ik de cd opzette. Een technoalbum waar werkelijk niets op gebeurde, slechts een beat, hier en daar een akkoord met echo of delay, en verder niets. Ik begreep er weinig van. Toch maakte de cd vele draaibeurten in de volgende jaren. De techno-skeletten bleken een prima begeleider bij het leren van mijn eindexamens, terwijl de onder een sislaag verstopte geluidstexturen steeds meer van hun geheimen prijsgaven. https://www.youtube.com/watch?v=ejSre0aos60 Een tijd lang was die Maurizio-cd de enige dubtechno cd die ik in mijn kast had staan. Ik wist simpelweg niet van het bestaan van andere artiesten die dat soort muziek maakten. Toen ik het Chain Reaction label ontdekte ging er een wereld voor me open. Maurizio bleek discipelen te hebben die net zulke kale, hypnotiserende techno maakten als hun meesters. Monolake, Fluxion, Vainquer, Vladislav Delay, Various Artists, ik schafte alle Chain Reaction cd’s aan die ik kon vinden en ben nimmer teleurgesteld. Blijkbaar was ik niet de enige jongeling die de Berlijnse dubtechno slikte als zoete koek. De afgelopen drie jaar is het geluid weer alomtegenwoordig. Wie IntergalacticFM’s Clone Top 20 luistert, waarin iedere week de twintig best verkochte platen van de Rotterdamse platenzaak langskomen, krijgt de ene na de andere dubtechnoplaat voor de kiezen. Helaas zijn weinig van deze platen spannend of uitdagend te noemen. Ze kleuren allen netjes binnen de lijnen die tien jaar geleden in Berlijn werden uitgezet. Het lijkt alsof de startende producer met een omfloerst dubgeluid een enkeltje underground credibility hoopt te kopen. Negen van de tien platen zijn helaas volstrekt oninteressant en overbodig. Maar er zijn uitzonderingen. Het Engelse Modern Love weet een groep artiesten rond zich te verzamelen die zonder uitzondering als discipelen van de Duitse Twee-eenheid gezien kunnen worden, maar zich toch weten te onderscheiden. Eclectro-lieveling Andy Stott doet het door de Basic Channel-invloeden te combineren met een op dubstep leunende swing. Het Amerikaanse duo Echospace maakte vooral een zeer coherent album, dat wel dicht bij het geluid van de meesters bleef, maar als geheel zo in balans was, dat het als album tot één van de hoogtepunten van het genre gerekend mag worden. https://www.youtube.com/watch?v=o36XsofOX8I Ook in 2009 is Modern Love een leverancier van dubtechno-albums die zich wel weten te onderscheiden. Zo is daar Warehouse Sessions van Claro Intelecto, een verzameling van eerder op vinyl verschenen tracks, aangevuld met één nieuw nummer. Was ’s mans vorige album, Metanarative, een ingetogen en melancholieke aangelegenheid, op Warehouse Sessions laat Mark Stewart zich kennen als een muzikant met oog voor de dansvloer. De afbeelding op de hoes, geabstraheerde figuren die met hamers op aambeelden slaan, zijn een mooie verbeelding van het geluid op de schijf. Het album is donker en kaal, met basdrumklappen als mokerslagen. Claro Intelecto lijkt zijn inspiratie naast Berlijn vooral uit Chicago te halen. Vooral de baslijnen lijken afkomstig uit een vergeten plaat van Larry Heard of Abacus. Wie van Metanarrative hield vanwege de schitterende melodieën kan deze plaat beter laten liggen: in de geest van Basic Channel worden ze opgeofferd voor de hypnotiserende groove van ritmes en effecten. Warehouse Sessions is zo een prima verzameling diepe dansvloertracks, maar mist als album de samenhang die Metanarative tot zo’n meesterwerk maakte. https://www.youtube.com/watch?v=HsMFSNxF3uw Die samenhang is wel aanwezig op Self Assesment, de eersteling van het duo Pendle Coven. Ook hier is de geest van Maurizio onmiskenbaar aanwezig: de echo- en delayapparaten draaien overuren terwijl de basdrum geduldige patronen neerlegt, al gebeurt er ritmisch meer dan op de platen van Claro Intelecto of Echospace. De breakbeat die het prachtige Uncivil Engineering opent en onderbreekt laat horen dat Pendle Coven meer kan dan rechtlijnig vier-op-de-vloer-vooruit programmering. De track is een prima visitekaartje van het album en laat horen waarom ook Pendle Coven het imitatieniveau ontstijgt. De synthlijnen doen denken aan Detroit, de breakbeat klinkt vooral heel brits, de omfloerste effecten geven het een Berlijnse schwung en het geheel is betoverend mooi en eigen. Het album kent door de uiteenlopende invloeden genoeg variatie om de mannen wat meer obligate Basic Channel-pastiches, zoals het onderstaande MVO Chamber, te vergeven. Self Assesment is een rijk en gebalanceerd technoalbum, met een duidelijk respect voor de meesters van weleer, maar genoeg eigen gezicht om het niet overbodig te maken. Konden we dat maar van meer dubtechno zeggen. https://www.youtube.com/watch?v=InA89qVEfTw