Vorig jaar buitelden ze over elkaar heen: al die techno-albums! Maar ook dit jaar verschijnen er genoeg prima langspelers met techno voor thuis-luisteraars. Hier recenseren we er drie voor je: Peter van Hoessen’s Perceiver (Time To Express), Claro Intelecto’s Reform Club (Delsin) en Robert Hood’s magistrale Motor: Nighttime World 3 (Music Man). Hoorde jij de afgelopen maanden techno-albums die we zeker niet mogen missen? Drop je tips in de comments!
http://www.youtube.com/watch?v=QOPAhC2Hm5s
Liefhebbers van Andy Stott en Redshape doen er goed aan het album Perceiver van Peter van Hoessen eens te beluisteren. De Belgische producer is net als de eerdergenoemden actief in een schemergebied tussen meer experimentele luistermuziek en techno voor de dansvloer. Meezingers heeft hij niet te bieden: Van Hoessen creëert spaarzaam melodieën met behulp van elementen die allereerst percussief lijken en voert de spanning op door glitchy lagen ruis onder zijn tracks te leggen. De opbouw van Perceiver is klassiek te noemen: na een korte, soundscape-achtige intro ligt het tempo zeer laag in het fraaie To Alter A Vector, een spannend staaltje industriële dubtechno. Naarmate het album vordert stijgt het tempo, tot we na een obligaat breakbeat-intermezzo terecht komen bij Nefertiti/Always Beyond, een geweldige techno-track met een monster van een baslijn en rondjes om zichzelf draaiende geluidseffecten, in beste Redshape-traditie. We zijn dan net over de helft van het album, maar ook over het hoogtepunt heen. Het tempo blijft stijgen, de spanning helaas niet. Wellicht doen de volgende tracks het prima in een grote industriële ruimte met stroboscopen, een FunktionOne-systeem en een handvol geestverruimende middelen. Maar als Van Hoessen in afsluiter Europa/Unlit Bonfire opeens uit een Autechre-achtig vaatje tapt, is de thuis-luisteraar al een tijdje afgehaakt. Zo is Perceiver als album niet geheel geslaagd, al is er genoeg moois op te vinden voor de liefhebber van vakkundig geconstrueerde Europese techno.
http://www.youtube.com/watch?v=n3NQEtUiGE8
Is er iets aan te merken op Reform Club, het album van Claro Intelecto, dat eerder dit jaar op Delsin verscheen? Het enige dat ons te binnen schiet is de verschijningsdatum: in mei zijn wij toch meer bezig met rokjes, lammetjes, bloemenweien en terrasweer. Niet met mistroostigheid, introspectie en weemoed. Waarschijnlijk is het daarom dat we het geweldige vierde album van Mark Stewart pas de afgelopen maanden veelvuldig door de boxen lieten schallen. Reform Club bedient zich van dezelfde stijl als Stewarts album voor Modern Love, Metanarrative: onderhoudende, melancholieke huiskamertechno. Diepe bassen duwen langzaam door een mistige deken van melodieuze strings. En alhoewel bij sommige tracks het tempo relatief hoog ligt, blijft de dansvloer slechts op de achtergrond aanwezig. Claro Intelecto laat zich vooral aandachtig beluisteren en ontroert, ondanks toepassing van veelal bekende patronen en vormen, veelvuldig. Tik Reform Club alsnog op de kop en geniet ervan nu de plaat het beste past: tijdens de herfst.
Motor: Nighttime World 3, het meest recente album van techno-icoon Robert Hood, schijnt een concept-album te zijn. Het is geïnspireerd op de documentaire Requiem For Detroit, over de ondergang van de industriële motor-stad. Tussen ons gezegd: het zal wel. De titels refereren inderdaad aan auto’s en de autoindustrie. Maar buiten wat slaan met autoportieren op Black Technician horen wij het er niet aan af. En ach, als dat Robert Hood inspireert tot het maken van zo een episch meesterwerk als Motor: Nighttime World 3, kunnen wij het gebruik van concepten alleen maar toejuichen. Want mensenlief, wat is dit een fraai album. Hood doet niets nieuws, maar is verschrikkelijk goed in wat hij doet. De combinatie van minimale acid-funk met weldadige synth-washes in Motor City en Hate Transmission klinken klassiek en zijn spannend van begin tot eind. De melodieuze dubtechno van In A Better Life, dat opbouwt zonder tot de verlossende basdrum te komen, is een tantaluskwelling die je met liefde ondergaat. Torque One is een heerlijke staaltje onvervalste techhouse, met een kazige KRS-One sample (“One!”) die zo lekker getimed wordt, dat je het Hood meteen vergeeft. En nee, ook Motor is geen vlekkeloos album. In de downtempo-tracks verliest Hood zich soms in wat richtingloos melodieus gepiemel. Maar wat daar tegenover staat is textbook techno van de bovenste plank. Robert Hood levert met pak-em-beet twintig jaar ervaring onder de riem opnieuw een klassiek album af. Vakmanschap is meesterschap.


Enige tijd geleden verscheen de verzamelaar 