Muziek is emotie. Laat 10 mensen dezelfde plaat horen en ieder creëert er zijn eigen beelden bij, ontwikkelt er een eigen visie op. Burial’s filmische Untrue is typisch zo’n plaat die bij iedere luisteraar meteen indringende visualisaties oproept.
Maar wees eens eerlijk; wie van jullie trok direct parallellen met 19e eeuwse vertelkunst, ontdekte in Archangel het equivalent van een klassiek muziekstuk en zag impressionistische schilderkunst uit de laatste decennia van de 19e eeuw voor zich? Nee, echt niemand?
De schrijver van dit artikel ziet ze wel én ontdekt nog veel meer in Burial’s mysterieuze soundscapes, beats en vocalen.
Geen lichte kost waar je snel even doorheen scrollt, maar een breedvoerige, diepgravende en ergens ook wel vermakelijke analyse, die je wellicht weer nét even anders tegen Burial laat aankijken.
In de wondere wereld van muziek is het een komen en gaan van genres en scenes. Bij elektronische muziek komt dit misschien nog wel het meeste voor. Ieder jaar ontstaan er weer nieuwe genres waarbij de één uitgroeit tot een blijvende scene en bij de ander de hype al snel weer is uitgedoofd. Als de nieuwe muziekstijl een blijvertje is dan ontstaat na langere tijd vaak een soort verzadiging. Vernieuwing verschuift naar de achtergrond en er wordt geproduceerd volgens de verwachtingen van de scene.
Drum ’n bass heeft dit bijvoorbeeld meegemaakt en bij dubstep lijkt soms al hetzelfde te gebeuren. Gaan de nieuwe scenes die nu lijken te ontstaan rondom funky en wonky(?) hetzelfde scenario tegemoet? Martin Clark (aka Blackdown van Dusk + Blackdown) is columnist bij Pitchfork en heeft zijn eigen blog over grime, dubstep en gerelateerde stromingen. Hij maakte onlangs een aardige analyse van het ontstaan van scenes die kan helpen deze vraag zinvol te beantwoorden.
Fase 1: Status quo. De muziekscene is groot en de grenzen liggen min of meer vast.
Fase 2: Uitbraak. Gefrustreerd door de status quo treden artiesten buiten de grenzen.
Fase 3: Gedeelde waarden. Sommige producers vinden dezelfde basis bij elkaar en vormen een nieuw kamp. Tevens het ‘hoe noem je het’ moment.
Fase 4 en 5: Groei en invloeden. De nieuwe scene trekt mensen en invloeden van buitenaf aan en groeit als geheel. Denk bij dubstep maar aan de invloeden uit techno, IDM, Jazz en nu zelfs Rap. Check deze nieuwe Snoop Dogg productie maar eens: Snoop Dogg Millionaire
Fase 6: Het worden van de status quo. De scene wordt de nieuwe status quo met verwachtingspatronen waar de producers zich aan houden.
In het nieuwe brrrap fanzine staat een interview met Bastiaan en Carlos van Eat This Media. Zij geven een soortgelijke analyse van hoe het met dubstep nu gaat:
I think now what you see in the dubstep scene is something that happened to drum ’n bass, it happened to jungle, it happened to IDM and it also happened to minimal. At first when something starts, everything is interesting, everything is very very creative. At some point you get a certain sound that belongs to the scene. What you’ve seen with IDM for example, that used to be very interesting, but at some point it completely died off because there was no evolution in the music at all.
and there is always this elite group of artists still continueing to experiment with the music. And then there are a lot of people that see that this is cool, people are making a lot of money in it (because at this point people are making money in dubstep) and they want to hook on and they want to make this music and see if they can make it to spin on big parties.
I have the feeling that dubstep could go quite far, it just depends if people keep an open mind in their music and to what dubstep is. As long as they don’t narrow it down to “it needs to have wobble” or “it needs to have 2-step” or whatever.
Welke nieuwe scenes zie jij momenteel ontstaan? En hoe lang trekt de dubstep scene nog de kar? Of maakt het allemaal geen bal uit en loopt het zoals het loopt?
Afgelopen nacht zat ik onder meer samen met Eclectro-collega Wilbert via de televisie te kijken naar Sensation White in de Amsterdam Arena. Naast bloedstollend saai was het ook bijna bizar om te zien hoe perfect gepland heel het festijn was. Elk element – de kleding, de voice-over, de dj’s, de aankleding, de planning van dj’s, de sponsoruitingen, de optredens, alles dus – leek tot in alle details vooraf geregiseerd, zodat elke vorm van spontaniteit kwijt leek te zijn.
Een interview met een bezoeker sprak wat dat betreft ook boekdelen. Zij meldde desgevraagd: “Sensation is echt te gek! De aankleding, de mensen, de sfeer, het thema, alles is top, en de dj’s maken het helemaal af.” Oftewel: muziek is leuk, maar ik ben hier vooral om een perfect georganiseerde nacht mee te maken waarin ik continue vermaakt wordt.
(het artikel gaat verder onder de video)
Maar kan dat eigenlijk wel, een fenomenale belevenis meemaken die kunstmatig wordt opgewekt? Zijn de beste feesten niet diegene die uit passie en liefde voortkomen en waarbij mensen zelf invulling kunnen geven aan hun tijd?
Een interessante vraag. Gelukkig én toevallig moest Gerb Sterrenburg voor zijn studie Communicatie & Multimedia Design aan de Avans Hogeschool in Breda een reactie geven op de volgende stelling:
De vraag blijft zich opdringen of de beste belevenissen juist die zijn die ontstaan zijn uit echte passie, echte overtuiging, in plaats van belevenissen die geregisseerd zijn en voorzien zijn van zoveel mogelijk authenticiteit. Dat laatste roept de associatie op met ‘gemaakt’.
(bron: Ilse Engwirda & Robin Ouwerkerk – Beleef je product)
Om dat te kunnen doen, legde hij Awakenings, hét georganiseerde technofeest bij uitstek, onder de loep. Hij analyseerde het feest, haalde de theorie erbij, en nam bovengetekende recensent van het feest een kort interview af. Het resultaat hiervan vind je onder de lezersvraag.
Lezersvraag: wat zorgt volgens jou voor de beste feestervaring? Geregisseerde, ‘gemaakte’ feesten, of belevenissen die voortkomen uit passie en overtuiging? Laat het weten in de reacties!
Gerb Sterrenburg: “De bovenstaande uitspraak is niet te beantwoorden met een simpel eens of oneens. Ten dele ben ik het met deze uitspraak eens. Immers, vanuit eigen ervaring weet ik dat de beste feesten de feesten zijn waar je onverwachts op terecht komt. Dit fenomeen valt overigens terug te voeren op de theorie van B. Joseph Pine dat belevenissen bepaald worden door de ervaring en de verwachting van je ervaring. Is er geen verwachting is de ervaring des te spontaner en is de belevenis ook veel groter. Dat komt ook overeen met wat Hans Achterhuis beschrijft in zijn boek ‘werelden van tijd’ over zogenaamde ‘Tussentijd’.
Maar dit is niet de hele waarheid. In het interview word immers terecht gesteld dat hoewel het ‘Awakenings’ festival geen spontane of uit ‘echte passie, echte overtuiging’ ontstane ervaring is er toch sprake is van een belevenis. De geïnterviewde geeft duidelijk aan dat hoewel het bijna een jaar geleden is, het festival hem nog goed bijstaat. Zoals beschreven in ‘The Experience Economy’ is dit duidelijk een teken van een belevenis.
Toch geeft de geïnterviewde aan dat hij op de hoogte is van het feit dat het hele ‘Awakenings’ festival een geregisseerde ervaring is: “…dat (het underground element van Awakenings – red) herken ik niet. De underground was de basement in Nighttown, niet een 10.000+-feest met een maandenlange marketingcampagne…”. Bovendien is het ook geen spontane stap geweest om naar het evenement te gaan.
Zijn deze belevenissen dan van mindere kwaliteit dan degene die men opdoet welke zijn ontstaan uit ‘echte passie, echte overtuiging’? In een directe vergelijking met ‘Awakenings’ zou de belevenis op een spontaan ontstaan Goa-feest ergens op een strand in Thailand of Ibiza per definitie meer belevingswaarde hebben dan een bezoek aan ‘Awakenings’. Deze stelling is moeilijk te beantwoorden. Er spelen namelijk een heleboel factoren mee en het belangrijkste is wel dat voor iedereen de ervaring anders is. Bovendien, het een sluit het ander niet uit. Zoals in het interview naar voren komt, dankt ‘Awakenings’ zijn succes aan de kwaliteit die het biedt. Of dat nou gebeurt op een verlaten strand in een tropisch oord of op een evenemententerrein onder de rook van Amsterdam is niet echt van belang.
En daar ligt volgens mij het antwoord op de stelling verscholen. Hoewel passie en overtuiging zeker bijdragen aan de mate van beleving, hoeft dat niet te betekenen dat groots opgezette evenementen als ‘Awakenings’, ‘Lowlands’ of ‘Sensation’ dit niet kunnen bieden. Het gevaar schuilt juist in te veel commercialisering. De voorgenoemde evenementen worden niet georganiseerd vanuit een filantropisch oogmerk. Het doel is toch echt om er geld mee te verdienen. Maar zodra dat het enige doel wordt, gaat het vaak verkeerd.
Dus je kunt concluderen dat zaken als passie en overtuiging van groot belang zijn in het organiseren van een dergelijk evenement. Door de bezoeker te verrassen met bijvoorbeeld een goede line-up en door ervoor te zorgen dat de bezoeker in staat is te genieten van een evenement samen met vrienden, kan een commercieel evenement er toch voor zorgen dat zijn bezoekers een belevenis rijker worden.”